We gebruiken in navolging van onze zusterschool het One Spirit Interfaith Seminary de term ‘het dieper curriculum’ om te verwijzen naar de levenservaringen en uitdagingen welke plaatsvinden tijdens onze gezamenlijke tijd aan het seminarie. Sommige van deze ervaringen gebeuren wanneer wij op natuurlijke wijze met elkaar communiceren in de communiteit van de klas en het seminarie, andere ervaringen gebeuren ons in andere gebieden van ons leven buiten het seminarie. We zijn van mening dat de beste gelegenheden om te leren en te ontwikkelen ontstaan in een veilige omgeving en sfeer van een communiteit, welke ons bemoedigt om betekenisvolle vragen te stellen, ons toe te wijden aan eerlijke zelfreflectie en om open te staan te bewegen voorbij de kaders van onze huidige interpretaties van de realiteit.
Het Interspiritueel Seminarie biedt deze omgeving en sfeer, ons bemoedigend om elke ontstane gelegenheid te aanvaarden als mogelijkheid tot heelwording en groei. Met de warme support en bemoediging van de staf en van klasgenoten kunnen we onze levenservaringen en onze capaciteit om de ander spiritueel bij te staan radicaal transformeren.
Spirituele Beoefening
Spirituele Beoefening is de sleutel tot de ontwikkeling van innerlijke rust en ruimte en van het vermogen om een kwalitatieve aanwezigheid te behouden te midden van allerlei zich ontwikkelende levensomstandigheden. De studenten worden ondergedompeld in spirituele beoefening vanuit een diepe authentieke betekenis, waardoor zij de rijkdom en waarde van de grote diversiteit aan spirituele oefeningen zullen ervaren, ons gegeven door de wereldwijde wijsheidstradities.
Dienstbaarheid of Welwillendheid
Wanneer wij ons bewust begeven in onbaatzuchtige dienstbaarheid of welwillendheid, met onze concentratie op dienstbaarheid en welwillendheid aan het Goddelijke, tevens het Goddelijke dat door ons heen welwillend is, dan krijgen onze dagelijkse activiteiten nieuwe betekenis. Grootse lessen worden ons gegeven.
Om ervaring op te doen met de goddelijke natuur van onbaatzuchtige dienstbaarheid of welwillendheid, worden de studenten aangemoedigd om elk lesjaar zich op enigerlei wijze in te zetten als vrijwilliger. Dat kan op vele manieren, van de mogelijkheid tot hulp en ondersteuning voor het seminarie tot dienstbaarheid in de eigen omgeving, in (vrijwilligers)organisaties en (welzijns)instellingen (is geen verplichting).
